Grijze Gladiatoren in Arena aan de Maas

medialimburg
Op een zonnige 18e maart waren zo’n veertig media-spelers naar het Provinciehuis getogen om de vraag te beantwoorden: “Waar staan de Limburgse Media over vijf jaar?” Het gezelschap bestond uit de gevestigde uitgeverij-, radio- en tv-bedrijven, kabelaars en een handjevol producenten en adviseurs. Je zou ook kunnen zeggen, de grijze gladiatoren uit de arena waarin al decennia lang gevochten wordt om subsidies en teruglopende advertentiegelden. Gedeputeerde Peter van Dijk had Prof. Luc Soete gevraagd de bijeenkomst in te leiden. En deze economische veldheer verwoordde de stem van het grote publiek als een groeiende behoefte aan “Slow Media”. ‘Kan de journalistiek wat minder opgefokt en meer verdiepend?’ Maar over de kwaliteit van de journalistiek wilden de genodigden het helemaal niet hebben. Elke afzonderlijke speler had mooie bewoordingen gereed om de Provinciebestuurders in te fluisteren hoe zij binnen de bestaande machtsstructuren hun bestedingen en invloed zouden moeten aanwenden. Een onafhankelijk adviseur die opperde om rechtstreeks subsidies aan journalisten te verstrekken, werd meteen de mond gesnoerd. Zowel gedeputeerde als de gouverneur luisterden geïnteresseerd naar de uiteenlopende visies. Maar kwamen natuurlijk niet tot een oordeel.
Ik wel. Vijf jaar is een oceaan van tijd in dit tempo van veranderingen. De groep krantenlezers en tv-kijkers krimpt gestaag en is steeds minder bereid nog te betalen voor nieuws. We zijn allemaal experts in koppensnellen, lezen massaal nu.nl op onze mobiele en ook lokale platforms snoepen al stevig mee uit de ruif van de oude machthebbers. Tegelijkertijd worden de publieke zenders steeds ongeloofwaardiger. Misschien bedoelt het publiek van Luc Soete wel: ‘Wij geloven heel veel journalistiek niet meer. Het hangt van kijkcijfer-begeerte aan mekaar.’ Wie neemt het publieke pow-nieuws nu serieus? Is de Telegraaf eerlijk? Zelfs het NOS journaal klonk vroeger oprechter. We willen onafhankelijk, eerlijk nieuws. En als het subjectief moet zijn, laat dan een aimabele journalist komen met een prikkelend standpunt. Mijn advies aan de Provincie? ‘Vergeet de content, investeer in sneller, duurzamer en beter internet… wantrouw de vertragende Ziggo‘s.’
De toekomst van content ligt in handen van de jeugd. Mijn dochters van twintig kijken geen tv maar tablet. Ze lezen geen Limburger maar Sp!ts. Ze komen niet op sites, maar lezen apps. Over vijf jaar zien de Limburgse Media er compleet anders uit. Honderd platforms met honderd splinterpartijen, een fractie regionaal nieuws, veel lokale kleurtjes. Alles op je mobiele, weg met papier. Goeie, spraakmakende journalisten en columnisten bieden eigen platforms en apps en er is veel meer video. Over vijf jaar hebben de vergrijsde leiders van de huidige media hun pensioen gehaald en denken terug aan het debat van afgelopen maandag in het weemoedig besef: “Niets verdampt zo snel, als zeeën van tijd.”

Samenwonen in Maastricht

Schermafbeelding 2013-03-07 om 12.44.14

Nog maar een maand geleden woonde ik nog in een groot huis. Te groot voor een 1-persoonshuishouding. En wie net als ik weinig thuis is, heeft al die kamers vol spullen en dozen al helemaal niet nodig. Dus heb ik toen even gedacht… moet ik als alleenwonende Maastrichtenaar in deze universiteitsstad een student in huis nemen? Iemand die soms eens kookt, of bereid is de tuin te wieden, voor mij eens naar de winkel wil gaan… dan is een van die rommelkamers toch wel vrij te maken, zonder dat ik daar een rekening voor stuur? Nu heb ik door mijn werk veel afwisseling en vertier, maar voor gepensioneerde senioren is dat vaak anders. Voor hen kan het lege huis een kooi van eenzaamheid zijn. En dan is het beschikbaar stellen van een kamer een handreiking naar contact. Al moet je wel afspraken maken natuurlijk.
Ik ken er genoeg, ouderen in Maastricht die best blij zouden zijn als er een kalme Duitse jongen of een aardig Hollands meisje bij hun intrekt. Iemand die vaak op de Universiteit moet zijn, maar ook af en toe informeert of alles goed gaat? Of hij iets kan meenemen uit de winkel of het vuilnis buiten zet? Die na het weekeinde uit die Heimat een choucroute voor twee meeneemt, of die op een vrije middag ramen lapt en het gazon maait. Als één op drie alleenstaande senioren zo’n overeenkomst zou sluiten, is de Maastrichtse capaciteit voor studentenhuisvesting meteen toereikend. Dan krijgen die senioren een veiliger gevoel, een socialer leven en de studenten minder behoefte om in het holst van de nacht lawaai te maken in de buurt.
Wat je ook aan ideeën bedenkt, er is altijd elders in de wereld iemand met hetzelfde bezig. Laat het nu een Duitse studente zijn, die mij toestuurt dat dit fenomeen al is uitgewerkt in 11 landen. En dat je de huur kunt vereffenen middels: één uur hulp per maand, per vierkante meter kamer. De koele berekening achter een oeroud sociaal beginsel: samen komen we er beter uit dan ieder voor zich.
Gisteravond woonde ik een lezing bij van Rector Magnificus Luc Soete. Een pragmaticus die het Maastrichtse Probleem Gestuurd Onderwijs een warm hart toedraagt, maar ook verklapt dat dit systeem succesvol is omdat de meest ijverige studenten de nietsnutten meetrekken in discipline. De menselijke factor is veel sterker dat het theoretisch model. Ik zal Luc Soete uitnodigen om eens in Keulen te gaan kijken hoe men daar het ‘kamerprobleem’ en ‘eenzaamheid’ heeft geschakeld in één oplossing. Wellicht een betere aanpak dan zo’n Calatrava campus in een stad vol eenzame senioren. Maastricht heeft overigens een buitengewoon rijk verleden aan het bieden van onderdak aan militairen, pelgrims en bedevaarders. Alleen al vanuit dat historisch perspectief zijn we zo’n oplossing aan onszelf verplicht. (De foto is van Bert Janssen ©2013)