Eskimoteren op het Web


Het bedrijfsleven wil komend jaar fors investeren in Social Media. Al weten maar weinig managers hoe je dát zinvol aanpakt. Voor Limburg schuilt hierin een kans om een voorsprong te behalen, maar hoe?

Stel er komt een Eskimo logeren, die nooit eerder een stad heeft gezien. Na een poos zal hij vragen waarom we ontelbare kilometers asfalt over ons landschap hebben uitgerold, waarvan niets te oogsten valt. Een simpele vraag met een complex antwoord. Zo is het ook met Social Media, het meest associatieve begrip van deze tijd. Het is groots en groeiende maar wat kunnen we ermee?
Social Media is een weefsel van verbindingen, platforms en koppelingen tussen mensen op het web. Net als een wegennet. Elk bedrijf heeft een website online, als een lokaal eindstation waar websurfers zelden arriveren. Want die zijn voortijdig uitgestapt en lummelen gezellig in de kantine van Facebook of het Grandcafé van Linkedin. Populair zijn ook de coffeebar van Twitter en de YouTube-bioscoop.
Nederland is een van de meest actieve landen in Social Media en het bedrijfsleven wil haar investeringen hierin opschroeven, zo onderzocht management consultant Booz&Co in Amsterdam. Limburg volgt die trend. In de streek waar men van nature graag de kat uit de boom kijkt, denkt men het eerst aan een eigen Facebook-pagina of Linkedin-profiel. Maar het effect daarvan is erg beperkt. In termen van Eskimo’s: ‘jullie lopen dus over die wegen met een spandoek waar je naam op staat?’ Daar komt het inderdaad op neer. Sommige bedrijven halen er een SEO-specialist bij, die hun website doet opvallen bij Google. In Eskimo-taal: ‘Dus sommige spandoeken doen ook drukke straten?’
Terwijl Limburgse ondernemers zich afvragen hoe ze die zegetocht moeten aanvangen, is Gulpener Bierbrouwerij al jaren succesvol bezig. Voor de beeldvorming van dit merk zeer relevant. Maar of de brouwerij door het web ook extra hectoliters verkoopt, is niet te becijferen.
Het medium is ‘sociaal’ en dus niet zomaar geschikt voor de handel. Want elke deelnemer in dit sociale domein heeft je intenties onmiddellijk door. Je zult je snel voelen als een Pakistaan met een bos rozen in een druk café.
Waar zijn die gebruikers van de sociale media dan wél op uit? Vooral op verstrooiing, gratis kennis en inspiratie: de zogenaamde “content”. Uitgerekend ondernemers kunnen interessante content bieden en daarmee nieuwe contacten leggen. Bijvoorbeeld meubelaars die amusant bloggen over design, worden gevonden door nieuwe besteders. Een architect plaatst zijn “Visie op Onderwijs” op Slideshare, waar schoolbestuurders slimmer van worden. Een Notaris kan een ‘Vastgoed App’ weggeven. Er liggen kansen voor het oprapen. Wie reizen verkoopt kan virale aanbiedingen doen op Facebook. Ben je loopbaanbegeleider, geef dan elke dag een sollicitatietip. Wie werkt met zoekmachines weet dat er vele gaten bestaan. De Floriade heeft maar drie alinea’s op Wikipedia. En Buitenring Parkstad helemaal niets. Er zijn veel Limburgse topkoks, maar hun recepten staan nergens bijeen. Welke sportschool begint een blog “Slim Voetballen”? Waarom staan er zo weinig QR-codes in tijdschriften als dit?
Het meest onderschat bij ondernemers is YouTube, gestegen tot de nummer twee onder de zoekmachines. Tik daar maar eens je eigen product in de zoekbalk en zie wat jouw argeloze prospect dan vindt: zelden een passend antwoord op zijn vraag. Wie in die behoefte kan voorzien, trekt voor lange tijd een markt naar zich toe. Zo kan een film “Werken in de Chemie” relevant worden voor Chemelot. Hoe persoonlijker, hoe beter: wie het lef heeft individueel en geëngageerd te vertellen over het eigen vak, manoeuvreert zichzelf in een voorkeurspositie. Er is nog veel ruimte voor content in Nederland. Maar over een jaar of vier zijn alle niches wellicht gevuld en is de ranking in de zoeksystemen min of meer bepaald. “Jullie hebben heel wat asfalt” zegt de Eskimo… “en wij nog veel meer ijs. Maar alleen een wak op een goede plek, vissend met het juiste aas, leidt tot vangst.” En zo is het met Social Media precies hetzelfde. Limburg moet slim en veelvuldig op het web. Echter, wie op zoek is naar de ‘Limburgse manager’ kan voorlopig maar beter in opinieblad Zuid blijven adverteren. Ook online te lezen overigens.

(Overgenomen uit Zuid Magazine, door Jean-Paul Toonen sept. 2011)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s