Dieselen


Het gaat om een lantaarnpaal. Hij staat op een onooglijke plek onder een viaduct over de A2. Je loopt je rot om er te komen en als je er bent, wil je daar zo snel mogelijk weer weg. Meestal is het nog zo vroeg in de morgen, dat ik behalve de vogels alleen mezelf hoor.

Ik adem drie passen in en twee weer uit. En laveer over wegdek en trottoirs om vluchtheuvels en vuilniszakken te ontwijken. De route is saai maar in elk geval vlak. Ik passeer milieuperrons, premiewoningen, een autowasstraat, drie viaducten, wat hondenpoepveldjes en openbare grasvlaktes. Langs die route ken ik inmiddels elke kuil in het trottoir, de Labrador op nummer 37, het openstaande hekje van het studentenhuis, de geur van autozeep en bloeiende liguster en de verstopte putten bij regenweer. Als het tegen zit gaat het tempo omlaag, tussen joggen en sjokken. En als het mee zit dan wordt het dieselen. Dat is het leukst, omdat dieselen het gevoel geeft dat je het lichaam zo ver hebt gekregen dat je wel door zou kunnen rennen naar Luik en terug, hetgeen ik overigens nog nooit heb geprobeerd. Nee, mijn bestemming is die ene lantaarnpaal, die daar zo troosteloos op me wacht. Omdat in het bestaan van zo’n paal – die ook nog eens op de lulligst denkbare plek is neergezet – de steeds terugkerende bezoeker een hoogtepunt van de week moet zijn. Wat zeg ik, elke twee dagen. Want dat is het ideale patroon: om de dag diezelfde vijf kilometer. Te weinig om reservevet mee te verbranden en genoeg om je conditie mee te pimpen. Vrijwel iedereen – ook ik – weegt een kilo of acht te veel als gevolg van beroerde voeding en slechte gewoonten. Ook die moeten dus elke keer mee; wat doe je jezelf aan, vraag ik me wel eens af. Maar de magie van het rennen is de cadans. Het haar op je hoofd dat in natte strengen meedreunt in elke stap. De respiratie die na een tijd volstaat, zonder het gevoel van ademnood. En dan de speldenprikjes van ongekende poriën die noodgedwongen open gaan. Als je eenmaal op koers bent, kun je aan de slag met corrigeren. De buikspieren een beetje meer aanspannen, waardoor je zweefmoment wat langer duurt. Iets nadrukkelijker die voetafwikkeling, zodat de stap een beetje groter wordt. Nog wat meer rechtop, om efficiënter te bewegen. Zo coach je je lichaam naar de zege, die bestaat uit het gevoel van controle. Je hebt de locomotief zo ver gekregen dat ze dieselt. En of nu de juffrouw met de vuilniszakken je meewarig nablikt, de poes achter het raam stoïcijns wegkijkt, de beloning is groot. Thuis beleef ik de napret van het rekken. Het zuur in de kuiten wring ik in statische secondes uit het weefsel. En bij het opspannen van de bovenbenen trekt een masochistische pijn door het lijf.
Maar vandaag zat het tegen. De verkeersdrempels en geparkeerde auto’s trokken maar langzaam voorbij. De warmte van de afgelopen tijd heeft de zuurstof uit de lucht gehaald, lijkt wel. En eenmaal klef en klam bij deze luchtvochtigheid, ben je daar nog niet zo snel vanaf. Maar overmorgen gaan we weer. Want als ik om zes uur ontwaak, denk ik aan die desolate straatlantaarn. Daar moet ik zijn, die kan ik daar vandaag niet zomaar laten staan. Dat heb ik beloofd, geen idee aan wie. Maar het is onontkoombaar.

3 gedachten over “Dieselen

  1. Kijk, da’s nou zien dat alles om ons heen een ziel heeft. Die lantaarnpaal zal reikhalzend naar je uitkijken 🙂

    Bovendien leeft electriciteit als in het werkwoord ‘leven’ zonder dat wij mensjes beseffen wat wij dagelijks om ons heen hebben. Alles is in principe chemie en electriciteit, geloof ik. Maar in dit soort benauwde hitte rennen of joggen is niet zo verstandig, hoor 🙂

  2. “De magie van het rennen is de cadans”: I recognise this feeling, when the whole body is fully cooperating… that’s when the rhythm takes over… and it’s true that it feels as if your feet could take you all the way to Timbuktu..
    The description of your running route reminds me a bit of a Ken Loach film..
    Isn’t it funny (and touching) to see how we unconsciously give special meanings and even grow attached to ordinary and inanimate objects.. zoals de desolate straatlantaarn die zo troosteloos op je wacht..;-)
    I noticed the other day that I too am getting attached to my jogging route I decided to run the route the other way around but it didn’t work out.. It didn’t feel right and I never got into full rhythm… en werd twee keer zo moe.. 😉
    I like running on the dike because of the barges I see gliding by.. they sometimes go slow enough to accompany me for a while and often enough their drivers wave at me and I wave back at them.. and when they disappear in the distance, it’s as if they take some of my thoughts away with them.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s